Veel inwoners hebben vragen over het nieuwe afval- en grondstoffenbeleid, afval scheiden en de afvalstoffenheffing. Dat is begrijpelijk. Daarom vindt u hier antwoorden op veelgestelde vragen over:

Heeft u een andere vraag? Stel ons uw vraag. Wij doen ons best uw vraag zo goed mogelijk te beantwoorden. En u helpt gelijk deze lijst met veelgestelde vragen aan te vullen.

In onze vier gemeenten produceren we nu jaarlijks gemiddeld nog 232 kilogram restafval per inwoner per jaar. De komende jaren gaan we nog meer werk maken van minder afval. Deze willen we terugbrengen naar maximaal 100 kilogram per persoon per jaar.
Van de gemiddeld 232 kilogram afval per inwoner per jaar is 70 procent te recyclen tot nieuwe producten. Zo wordt gft compost of groen gas, oud papier wordt nieuw papier en van pmd kunnen we nieuwe verpakkingen en producten maken.

Omdat er steeds minder grondstoffen zijn, is het belangrijk dat we meer hergebruiken. Zo hoeven we minder nieuwe materialen uit de aarde te halen. En blijft er minder restafval over dat we moeten laten verbranden. Ook maakt de verbrandingsbelasting van Rijksoverheid restafval verbranden steeds duurder. Minder afval is dus belangrijk voor het milieu én voor de portemonnee.

Onze vier gemeenten willen meer circulair worden, dat wil zeggen meer hergebruik en minder restafval. Het nieuwe beleid draagt eraan bij om dit doel te behalen. De laatste keer dat het beleid is geactualiseerd was in 2014.

Inwoners zijn nadrukkelijk betrokken bij de totstandkoming van het nieuwe afval- en grondstoffenbeleid. Wensen, motieven en beleving zijn in het voorjaar van 2020 geïnventariseerd met een bewonersenquête. Uit deze enquête kwamen goede suggesties. Deze suggesties hebben we aangevuld met onze suggesties en mogelijke maatregelen, en begin 2021 opnieuw voorgelegd in een tweede bewonersenquête.

De circulaire doelstellingen van Rijkoverheid zijn vastgelegd in het Landelijk afvalbeheerplan (LAP3). Alle overheden moeten hiermee bij de uitvoering van hun afvalbeheertaken rekening houden. Dit betekent dat zij de doelstellingen van Rijksoverheid moeten overnemen in de lokale beleidsplannen. Echte sancties voor het niet behalen van de rijksdoelstellingen zijn er niet. Wel is het zo dat Rijksoverheid een verbrandingsbelasting voor restafval heeft ingesteld. Hiermee stimuleert zij gemeenten zo veel mogelijk afval te scheiden en daardoor het restafval te beperken. Gemeenten die geen werk maken van de circulaire economie en dus veel restafval hebben, betalen meer verbrandingsbelasting dan gemeenten die wél werk maken van de circulaire economie.

Omdat er steeds minder grondstoffen zijn, is het belangrijk dat we meer hergebruiken. Zo hoeven we minder nieuwe materialen uit de aarde te halen. Hiervoor moeten we met elkaar veranderingen doorvoeren in alle schakels van de keten: te beginnen bij de winning van grondstoffen, de productie van goederen en (verpakkings)materialen tot de inzameling en verwerking van afgedankte goederen en materialen. Als we in het begin van de keten rekening houden met de verwerking van goederen en verpakkingen in de afdankfase, kunnen we met elkaar veel circulaire winst behalen.
De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Vereniging Afvalbedrijven (VA) oefent op rijksniveau al veel invloed uit op producenten om hergebruikvriendelijke producten en materialen op de markt te brengen.

In het nieuwe beleidsplan stellen we een aantal maatregelen voor om de invloed van onze gemeenten op de landelijke discussiethema’s te vergroten. De gemeenten hebben ook een verantwoordelijkheid zich maximaal in te spannen om zoveel mogelijk grondstoffen gescheiden in te zamelen en te hergebruiken.

De gescheiden inzameling en verwerking van papier en karton, verpakkingsglas en blik liggen nu al op een zeer hoog niveau. Rond de 85 procent van deze materialen wordt al gerecycled. De gescheiden inzameling van plastic verpakkingen is in verhouding nieuw en nog volop in ontwikkeling.

De komende jaren gaan we werk maken van minder afval. En daar is uw hulp bij nodig!

Ja, zeker! In ons afval zitten belangrijke grondstoffen. Alle grondstoffen die we gescheiden inzamelen, worden apart verwerkt voor recycling. Dit geldt voor gft, oud papier, glas, textiel, plastic verpakkingen, metalen verpakkingen en drankpakken, batterijen en diverse grof huishoudelijke afvalstromen die u naar de milieustraat brengt.

Recycling is goed voor het milieu én voor de portemonnee. De gemeente krijgt een vergoeding voor de recyclebare stromen van afvalverwerkers. Alle inkomsten en lasten verwerkt de gemeente in de afvalstoffenheffing. Door beter scheiden van herbruikbare materialen kan deze zo laag mogelijk gehouden worden.

> Ontdek meer over het nut van afval scheiden

Nee! Alleen het afval uit de restafvalcontainer wordt verbrand in afvalverbrandingsinstallaties. De overige grondstoffen zoals gft, oud papier, glas, textiel, plastic verpakkingen, metalen verpakkingen en drankpakken, batterijen en diverse grof huishoudelijke afvalstromen die u naar de milieustraat brengt, worden verwerkt en gerecycled.

U woont buiten de bebouwde kom of aan de rand van de gemeente Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam, Molenlanden of Vijfheerenlanden. Dan krijgt u in september of oktober een nieuwe container van 240 liter voor uw restafval. Deze nieuwe container heeft een chip. In september heeft u hierover een brief ontvangen. Hierin leggen we u uit hoe de omruilactie in z'n werk gaat. Lees de brief helemaal. Heeft u nadat u de brief heeft gelezen nog vragen over de omruilactie van uw container voor restafval?

> Vind hier antwoorden op veelgestelde vragen over de omruilactie van restafvalcontainers

Heeft u een andere vraag over de omruilactie van uw restafvalcontainer? Bel dan op werkdagen tussen 08.30 en 17.00 uur onze servicedesk: 085 – 020 23 38. Wij helpen u graag.

Rolstoelgebruiker en verzamelcontainer gftJa, ook rolstoelgebruikers kunnen de verzamelcontainers voor gft gebruiken. De leverancier heeft de container zo ontworpen, dat de klep naar je toe opengaat. Je hoeft dus niet naar voren toe te reiken. Zodra je de klep opent, blijft deze openstaan. Door de ruime opening met laag opstaande rand kan een rolstoelgebruiker met twee handen vrij het gft in de klep gooien.
Het advies is om langszij te rijden zodat je met je armen dichter bij de klep komt. Dus niet met de voeten in de richting van de klep. Zie de afbeelding hieronder. Als rolstoelgebruiker moet je ongeveer op hoofdhoogte reiken het gft in de klep te doen. De afbeelding is ter illustratie. Niet iedereen is even groot en elke rolstoel kan weer anders zijn.

Met de invoering van het nieuwe beleidsplan krijgt u vanaf 1 januari 2024 invloed op een deel van de afvalstoffenheffing. Een deel staat vast en een deel is variabel. Dit variabele deel heet het recycletarief. Het is een nieuwe manier van de afvalstoffenheffing berekenen. Scheidt u grondstoffen goed en heeft u weinig restafval? Dan zijn uw kosten lager dan wanneer u veel restafval heeft. Dit geldt niet voor de inwoners van Vijfheerenlanden. Deze gemeente neemt een besluit over het recycletarief na een evaluatie over de effecten van de overige maatregelen.

Uw gemeente stelt de hoogte van de afvalstoffenheffing vast, dus van het vaste deel én het recycletarief. De gemeente houdt hierbij rekening met bijvoorbeeld mensen met veel medisch afval, zwerfafvalrapers en mensen met onvoldoende inkomen.

We hebben berekend dat de exploitatielasten van het nieuwe inzamelsysteem met variabele heffing ongeveer even hoog zijn als de exploitatielasten van het inzamelsysteem op dit moment. Wel is er de eerste jaren sprake van ‘eenmalige implementatiekosten’ om het nieuwe systeem in te voeren.

Een recycletarief houdt in dat u gaat betalen per keer dat u de container voor restafval aan de straat zet of een restafvalzak in de ondergrondse restafvalcontainer gooit. Tegelijk met de invoering van het recycletarief past de gemeente het huidige vaste tarief aan. Zo maakt de gemeente de afvalstoffenheffing gedeeltelijk variabel. Scheidt u grondstoffen goed en heeft u weinig restafval? Dan zijn uw kosten lager dan wanneer u veel restafval heeft.

U betaalt dus niet per kilo (dus niet voor het gewicht), maar per keer dat u restafval aanbiedt. De afvalstoffenheffing gaat dus bestaan uit een vast tarief en een variabel deel. Het vaste tarief is voor iedereen gelijk. Op het variabele deel heeft u zelf invloed door uw afval goed te scheiden.
Dit geldt niet voor de inwoners van Vijfheerenlanden. Deze gemeente neemt een besluit over het recycletarief na een evaluatie over de effecten van de overige maatregelen.

Uw gemeente stelt de hoogte van de afvalstoffenheffing vast, dus van het vaste tarief én het recycletarief. De gemeente houdt hierbij rekening met bijvoorbeeld mensen met veel medisch afval, zwerfafvalrapers en mensen met onvoldoende inkomen.

Een recycletarief blijkt zeer goed te werken om inwoners te stimuleren hun afval te scheiden. Hierdoor de hoeveelheid restafval dat we moeten laten verbranden af. Daardoor draagt het zo goed mogelijk bij aan afvalbeheer circulair en duurzaam maken in de regio.

De ervaring bij andere gemeenten leert dat de doelstelling van 100 kilogram per inwoner per jaar niet haalbaar is zonder invoering van een recycletarief. Bijna alle gemeenten die op dit moment minder dan 100 kilogram per inwoner per jaar restafval hebben, hebben hiervoor een recycletarief ingevoerd. Voorbeelden daarvan in onze regio zijn de gemeenten in de Betuwe (AVRI-gemeenten), de gemeente Altena en de Hoeksche Waard (RAD).

Waar wij de term recycletarief gebruiken, noemen andere gemeenten het een variabel tarief.

Vanaf 1 januari 2024 gaan de gemeenten Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam en Molenlanden de afvalstoffenheffing op een nieuwe manier berekenen. U krijgt invloed op de hoogte van een deel van de afvalstoffenheffing. Een deel staat vast en een deel is variabel. Dit variabele deel heet het recycletarief. Scheidt u grondstoffen goed en heeft u weinig restafval? Dan zijn uw kosten lager dan wanneer u slechter scheidt en veel restafval heeft.

Het vaste deel is voor iedereen hetzelfde. Dit betaalt u aan het begin van het jaar samen met de gemeentelijke belastingen. Aan het einde van een jaar weet de gemeente wat u moet betalen voor het variabele deel. U betaalt dit variabele deel dus achteraf. Het bedrag hangt af van hoe vaak u uw restafvalcontainer hebt laten legen of een zak in de verzamelcontainer voor restafval heeft gegooid. Dat aantal lezen we af met een chip op uw restafvalcontainer of de keren dat u de verzamelcontainer voor restafval heeft geopend met uw milieupas.

De gemeenten Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam en Molenlanden voeren het recycletarief in vanaf 1 januari 2024.

De gemeente Vijfheerenlanden heeft nog niet besloten óf en, zo ja wanneer zij het recycletarief daar invoert. 

Ja, die zijn er. Deze zijn ook voorgesteld in de strategienota, zoals extra containers voor glas en papier in de wijk, het verstrekken van een klein gft-bakje voor in de keuken en extra voorlichting over het nut en de noodzaak van afvalscheiding. Deze maatregelen alleen zijn niet voldoende om de circulaire ambities waar te maken.

De ervaring bij andere gemeenten die een recycletarief hebben ingevoerd, leert dat dit een tijdelijk probleem kan zijn. Als inwoners eenmaal gewend zijn aan het nieuwe tariefsysteem neemt het dumpen van zakken afval af, meestal na een maand of drie. Goede voorlichting over afval scheiden (wat hoort waar) en uitleg over hoe u zorgt voor minder restafval, helpt om het goed te doen. Hierdoor zullen minder mensen afval dumpen.

Sommige inwoners van buurgemeenten brengen hun restafval nu naar de vrij toegankelijke verzamelcontainers voor restafval en milieustraten in onze gemeenten. Door de verzamelcontainers voor restafval af te sluiten met een pasjessysteem en een recycletarief in te voeren, sluiten onze gemeenten aan op hoe de buurgemeenten het doen. Het afvaltoerisme zal daardoor eerder afnemen dan toenemen.

Door de invoering van een recycletarief gaan we ook misbruik van de verzamelcontainers door ondernemers tegen. Zij hebben dan geen financieel voordeel meer door hun afval gratis in de verzamelcontainers te gooien.

Het is zaak dit zo snel mogelijk op te ruimen, nadat er opsporingsonderzoek (handhaving) heeft plaatsgevonden. In het plan en de begroting is rekening gehouden met meer inzet van handhaving en opruimploegen. Overigens is de ervaring bij andere gemeenten dat afvaldump bijna nooit tot onbeheersbare situaties leidt. In de praktijk vallen deze negatieve effecten van een recycletarief dus mee.

Illegale afvaldumpingen komen helaas altijd voor en zijn niet te voorkomen. Wel is het belangrijk deze zo snel mogelijk op te ruimen, nadat er opsporingsonderzoek (handhaving) heeft plaatsgevonden. Zo gaan we kopieergedrag tegen. Mensen plaatsen namelijk afval bij als ze zie dat ergens al iets staat.
In het plan en de begroting is rekening gehouden met meer inzet van handhaving en opruimploegen. Overigens is de ervaring bij andere gemeenten dat afvaldump bijna nooit tot onbeheersbare situaties leidt. In de praktijk vallen deze negatieve effecten van een recycletarief dus mee.

Voor de invoering van een recycletarief moeten we het inzamelsysteem aanpassen. De kosten hiervan worden volledig ‘terugverdiend’ de uitsparing van verwerkingskosten van restafval. Dit is inclusief de andere extra lasten die bij een variabel tarief komen kijken, zoals kosten van dataverwerking, communicatie en handhaving.

Betalen per kilo is technisch gezien ingewikkelder en dus ook duurder om in te voeren dan betalen per keer dat u restafval aanbiedt. Verder is per keer betalen minder gevoelig voor misbruik. Als iemand anders afval in een restafvalcontainer gooit op het moment dat deze aan straat staat, dan heeft dit geen invloed op het te betalen bedrag. Het afval wordt namelijk niet gewogen.

Nee, deze zijn nog niet bekend. Als de tarieven bepaald zijn, moeten de gemeenteraden vervolgens akkoord geven. In het beleidsplan is aangegeven dat het recycletarief ongeveer 15 procent van het totale tarief gaat uitmaken.

Zolang bijvoorbeeld luiers nog bij het restafval moeten, leidt dit met het recycletarief tot extra kosten. De vraag is of dat redelijk is. Huishoudens met baby’s hebben het extra luierafval voor een bepaalde periode en er ligt een bewuste keuze aan ten grondslag. Dat geldt niet voor mensen met medisch afval.

Bij deze inwoners is het extra restafval voor onbepaalde tijd. En het is geen bewuste keuze. Veel gemeenten die een recycletarief hebben ingevoerd geven deze doelgroep daarom compensatie, bijvoorbeeld door hen voor een aantal restafvalaanbiedingen niet te laten betalen.

De exacte invulling van deze regeling voor de Waardlanden-gemeenten wordt in het kader van het doelgroepenbeleid nog verder uitgewerkt en voorgelegd aan de gemeenteraden.

Natuurlijk is het niet de bedoeling dat mensen die vrijwillig zwerfafval opruimen financieel worden benadeeld. De gemeenten zijn juist heel erg blij met deze vrijwilligers. Voor hen komt er een aparte regeling zodat zij niet hoeven te betalen voor het opgeruimde zwerfafval. Hoe dit vorm krijgt, is op dit moment nog niet bekend.
Zij krijgen misschien een speciale zwerfafvalpas waarmee zij het verzamelde zwerfafval weggooien in de verzamelcontainers voor restafval. Of zij krijgen een aantal gratis stortingen op hun ‘eigen’ pas: dat betekent gratis openingen van de container op hun afvalpas.

Met bronscheiding bedoelen we dat u als inwoner uw afval zelf thuis scheidt. Zo worden veel meer afvalsoort gescheiden dan nascheiden met een machine. Het afval dat thuis u thuis scheidt, is heel goed te recyclen.

Bij nascheiding zorgt een machine in een fabriek voor scheiding van het restafval. Zo behouden we waardevolle materialen, die we anders moeten verbranden. De machine kan lang niet alle soorten afval uit elkaar halen. Voornamelijk plastic verpakkingen, blik en drankpakken kunnen bij nascheiding uit het restafval worden gehaald. Andere waardevolle afvalstromen gaan verloren.

Na scheiden met een machine is altijd een aanvulling op bronscheiding. In laagbouwwoningen is bronscheiding de beste én meest goedkope manier om afval te scheiden. In flats en appartementen is het minder makkelijk om afval thuis te scheiden. Daar is nascheiden met een machine een betere keuze om toch waardevolle grondstoffen als plastic verpakkingen, blik en drankpakken te kunnen recyclen.

Thuis scheiden met containers is bij laagbouw in onze regio zeer succesvol. Ook is het hier de beste én meest goedkope manier om afval te scheiden. Bij hoogbouw is de inzameling in verzamelcontainers voor pmd een stuk lager. Dit is ook een landelijk beeld.
Door bij hoogbouw te kiezen voor nascheiding van pmd uit het restafval hoeven we minder restafval duur te verbranden en kunnen we dus meer recyclen. Daarom is voor hoogbouw pmd nascheiden de beste keuze.

Om het gebruik van ondergrondse containers te kunnen registreren gaan we adresgebonden milieupassen gebruiken. De koppeling van adresgegevens met de gegevens van lediging zijn volgens de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) persoonsgegevens. Wij mogen deze gegevens alleen onder speciale voorwaarden vastleggen. Dit is door de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) bepaald in de Arnhemse afvalpas kwestie. Deze of soortgelijke doelen moeten daarvoor wel zijn vastgelegd en gecommuniceerd, en er moet voldaan zijn aan een aantal beginselen en uitgangspunten. Zo moeten persoonsgegevens rechtmatig, behoorlijk en transparant worden verwerkt.

Een tarief voor grof huishoudelijk afval blijkt zeer effectief te zijn om afvalscheiding te stimuleren verbrandbaar grof huishoudelijk afval te reduceren. Door een tarief te heffen op het grof afval stimuleren we inwoners hun grof huishoudelijk afval te demonteren en gescheiden af te geven bij een milieustraat, zodat de grondstoffen daaruit worden gerecycled. Zo draagt het optimaal bij aan het circulair en duurzaam maken van het afvalbeheer in de regio.

Een tweede reden  voor het invoeren van tarieven is het weren van bedrijfsafval op de milieustraten. De huidige ‘bedrijfswagen-regel’ waarbij busjes met grijs kenteken worden geweerd, werkt onvoldoende. Met de invoering van tarieven verdwijnt het financiële voordeel voor aannemers en hoveniers om ‘gratis’ hun bedrijfsafval te storten. Bedrijven moeten in principe zelf  zorgen voor de afvoer van hun bedrijfsafval en moeten daarvoor zelf betalen. Het is nooit de bedoeling dat inwoners betalen voor de afvoer van bedrijfsafval.

Veel inwoners laten een aannemer hun verbouwing of tuinrenovatie uitvoeren. De aannemer zorgt dan voor het afvoeren van het afval. De klant betaalt daarvoor. Wanneer een inwoner de werkzaamheden zelf uitvoert en het afval naar het afvalbrengstation brengt, worden de kosten niet door hem zelf gedragen maar door alle inwoners. En dat is niet eerlijk.

In 2023 ontvangt u een milieupas waarmee u de milieustraat zo vaak kunt bezoeken als u wilt. De tarieven zijn straks gekoppeld aan de afvalsoorten en niet aan het aantal bezoeken. De meeste grondstoffen kunt u gratis blijven brengen. Een klein aantal afvalsoorten kunt u een aantal keer per jaar gratis brengen, daarna geldt een tarief. Om welk afval dat gaat ontdekt u bij Grofvuil zelf wegbrengen en thuis laten ophalen.

In 2023 ontvangt u een milieupas waarmee u de milieustraat kunt bezoeken. De meeste grondstoffen kunt u gratis blijven brengen. Een klein aantal afvalsoorten kunt u dan een aantal keer per jaar gratis brengen, daarna geldt een tarief. Om welk afval dat gaat, ontdekt u bij Grofvuil zelf wegbrengen en thuis laten ophalen.

Komt u bij de milieustraat met meerdere soorten afval, dan betaalt u alleen voor het afval waarvoor een tarief geldt. Onze medewerkers schatten de hoeveelheden zo goed mogelijk in. Zij hebben hier ervaring in.

Om uw grofvuil aan huis te laten ophalen gaat in de loop van 2023 een ophaaltarief gelden. U betaalt dan per ophaalafspraak. Per afspraak kunt u maximaal 2 kuub (2 m3) laten ophalen.

Als het ophaaltarief is ingevoerd, kunnen we uw grof huishoudelijk afval binnen 10 werkdagen aan huis ophalen. Nu kan de wachttijd oplopen tot 2 maanden. Deze lange wachttijd is voor veel klein behuisde inwoners een probleem. Grofvuil ophalen aan huis is nu dus wel gratis, maar de service is laag. Mensen moeten nu lang wachten nadat zij online een ophaalafspraak hebben gemaakt.

Samen met de gemeente onderzoeken we wat de mogelijkheden zijn om luiers gescheiden in te zamelen. Meerdere vragen spelen hierbij een rol:

  • Wat zijn de mogelijkheden om de apart ingezamelde luiers ook echt? De huidige verwerkingscapaciteit zit namelijk helemaal vol en er zijn zeer beperkt initiatieven voor uitbreiding van de capaciteit.
  • In hoeverre is het financieel en voor het milieu rendabel? De kosten van inzameling en verwerking zijn hoog en de afzet van het vrijkomende materiaal is een groot probleem door de oorsprong (poep).

Of de gemeenten luierinzameling invoeren, is nog niet te zeggen.

Tip: Kijk ook eens naar de mogelijkheid van wasbare luiers. Deze zijn de laatste jaren belangrijk verbeterd.

Honden- en kattenpoep horen bij het restafval. Dus niet in de gft-container en ook niet op de composthoop thuis. Want er is dan een risico dat dierziektes met de compost worden overgedragen.

Nu gooien sommige hondenbezitters, als zij hun hond uitlaten, de hondenpoepzakjes direct in een verzamelcontainer voor restafval. In 2023 gaan we deze afsluiten. Dit is onderdeel van de invoering van het nieuwe afval- en grondstoffenbeleid. U krijgt dan met een milieupas toegang tot de verzamelcontainer voor restafval bij u in de buurt. U gaat dan per keer dat u de verzamelcontainer voor restafval opent een recycletarief betalen. Hondenbezitters hebben hier vragen over. En dat is begrijpelijk. Daarom kijken we samen met de gemeenten naar mogelijke oplossingen.

U kunt u uw hondenpoepzakjes in ieder geval weggooien:

  • in een van de hondenpoepbakken, zwerfafvalbakken of papierbakjes bij bijvoorbeeld bushaltes en winkelcentra. De gemeenten bekijken of op bepaalde plaatsen waar nu geen bakken staan nog bakken geplaatst moeten worden
  • in de restafvalcontainer of -zak thuis
  • in een aparte opening voor zwerfafval aan de achterkant van de verzamelcontainer. Deze komen in de binnensteden van Gorinchem, Leerdam en Vianen

Om u als bezoeker te stimuleren afval en grondstoffen te scheiden, zorgen we dat de inrichting en uitstraling van de milieustraten die er nu zijn meer gericht zijn op ontvangen, informeren, hulp en advies aan bezoekers. Onze milieustraten hebben deze inrichting en uitstraling nog niet. Ook al scheiden we daar al meer dan twintig soorten grondstof.

Ook willen we op de milieustraten zoveel mogelijk samenwerken met onze partners in het circulaire netwerk. Vianen en Leerdam verdienen daarbij de meeste aandacht. Maar ook op de andere locaties zijn verbeteringen mogelijk. Als het noodzakelijk is een milieustraat te verplaatsen, dan zorgen we dat deze goed bereikbaar is voor inwoners.

De verspilling van grondstoffen verminderen is geen taak van de gemeenten en Waardlanden alleen. Een circulair netwerk is een netwerk van overheid, bedrijven, stichtingen en verenigingen die zich samen inspannen voor het hergebruik van grondstoffen en materialen. In het netwerk brengen we de milieustraat samen met kringloop, reparatie, duurzaam ondernemen, participatie en educatie. Zo is er hergebruik van producten en materialen van hoge kwaliteit. Deze activiteiten hoeven niet noodzakelijk bij de milieustraten plaats te vinden. Deze samenwerking dragen bij aan de gemeentelijke duurzaamheidsdoelen (circulariteit). Het circulaire netwerk kan ook andere gemeentelijke doelen dienen, bijvoorbeeld binnen het sociale of economische domein.